Ze weet precies hoe hij ruikt.
De zaal is vrij leeg. Zijn ouders zitten in de hoek en een verdwaalde journalist van een regionaal dagblad zit op een spannendere zaak te wachten. Dit is helemaal niet spannend. Voor niemand, behalve voor hen.
De familie van het slachtoffer is er niet. Dat is maar beter zo, denkt Anne. Dat het gebeurt is, dat trekt niemand in twijfel. Maar dat hij er voor gestraft moet worden, nog meer dan hij al is - dat snapt ze niet. Misschien is wel heel egoistisch dat ze constant bijtend denkt aan hoe belachelijk oneerlijk de wereld is door hem van haar af te willen nemen.

De nacht dat hij het heel zachtjes in haar oor fluisterde, voelde Anne haar wangen rood worden. Ze wilde huilen, gillen en hem op de vloer smijten. Godverdomme, was het enige heldere woord dat zich toen in haar hoofd vormde.
Ze grepen elkaar wanhopig vast, kusten uit pure afleiding en ze probeerde zijn wonden weg te likken, weg te zuigen. Tot aan die avond hadden ze alleen maar veilige seks gehad. Anne was daar altijd heel duidelijk in. Ze had principes, hield van veiligheid en ze zouden binnenkort samen een test gaan doen. Die avond was alles weg, opeens. Geen toekomst meer, alleen maar holle hoop en lege beloftes. Zonder na te denken kroop ze op hem, kuste de tranen weg en duwde hem hard bij haar naar binnen. Hij probeerde nog tegen te sputteren.
"Ja, ik doe iets doms, nu," antwoordde ze op zijn gespartel. Maar het maakte nu niets meer uit. Ze wilde hem zo veel en zo intens mogelijk aan haar binden. Nooit meer laten gaan. Dan zouden ze hem ook nooit mee kunnen nemen.
In elkaars armen, met opgedroogde zoutplekjes op hun wangen, vielen ze die nacht in slaap. Intens gelukkig, maar doodsbang.
Hoe kunnen andere mensen zo'n zorgeloos leven leiden, vraagt ze zich af als ze lijkbleek in de tram staat. Haar haren kamt ze al weken niet meer, haar wimpers hebben al tijden geen mascara meer gezien en de enige reden dat ze nog onder de douche gaat staan is omdat ze altijd hoopt dat het kokende water haar geheugen wist. Waarom mogen andere mensen hun liefde behouden en waarom wordt zij getart met hem en vervolgens weer gedwongen gescheiden? Anne weet als geen ander dat het leven oneerlijk is en dat zwelgen in je eigen ongeluk alleen maar destructief is. Maar nu kan ze niet anders. Een intens donkerzwarte wolk heeft zich boven haar hoofd gevormd.
Ze was sterk voor Simon, al die tijd. Voor hem was het moeilijker, dacht ze altijd. Maar het was juist aan onmacht, haar allesverzwelgende wens om hem gewoon te dwingen met haar te vluchten, waar ze het hardst aan bezwijkt.
"Ga met me mee. We gaan naar Zuid-Amerika, kopen een groot stuk land en gaan koffiebonen verbouwen. Met een groot huis. Vol met dieren en kinderen. Alles."
Maar hij schudt altijd zijn hoofd, kust haar en zegt dat haar fantasie te levendig is.
Waarom hij niet wil, snapt ze niet. Hij zegt zelf, dat hij de tijd niet gaat overleven. Dat hij bang is een slecht mens te worden. En zij weet, dat zij ook al die jaren niet overleeft. Dat kan ze niet.
Zij zou alles voor hem overhebben. Ook al kennen ze elkaar geen jaren. Anne heeft geleerd het leven bij de ballen te grijpen, indien nodig. En nog nooit is ze zo gelukkig geweest als met hem. Daar zou ze alles voor doen. Ook al is het idioot. Liever hard vallen, dan nooit durven springen. Echt, alles.
0 comments:
Een reactie plaatsen